Kennis

Laag Water op de IJssel

1 Door: Suze Maclaine Pont op 02.11.2009
Categorie: Column
Codes: overgave,  bedding,  stromen,  samen,  delen
Taal: Nederlands

Laag water op de IJssel

Het water in de IJssel staat laag. Ongekend laag. Waar meestal alle uiterwaarden helemaal ondergelopen zijn, liggen nu veersteigers droog, en kun je lopen door de kribben die bedoeld zijn om de stroom wat te temperen. Het is een bijzonder gezicht, dus ik wilde er graag heen. Om de IJssel te zien, en me te laten inspireren door zo'n rivier, die al duizenden jaren zijn eigen loop neemt. Een aantal jaar geleden deed ik dit soort wandelingen vanwege de natuur, en om dichter bij mezelf te komen. Ik ging wel eens samen met mensen, maar in mijn eentje kon ik mijn eigen tempo aanhouden, mijn eigen ontroering en verwondering voelen, en mijn eigen gedachten volgen. Samen vond ik dat soms wel eens ingewikkeld. Dan was ik al gauw meer bezig met te zorgen dat de ander een fijne wandeling had, en vaak ging ik dan later nog maar weer eens terug om de rivier werkelijk te zien.

Wat een gedoe. Dan wil je iets delen wat zo mooi is, en dan ben je meer bezig met die ander dan het delen van de rivier. Ik wilde echter toch wel heel graag delen hoe mooi de rivier nu is, dus ik besloot het anders aan te pakken. En dit keer was het anders. Ik had iemand gevraagd die mij dierbaar is. Ik had mijn rugzak volgepakt met broodjes en drinken en ik ging naar het station om hem op te halen, van plan om dit jaar werkelijk de rivier te delen. Om bij mijn eigen gevoel te blijven, en voor mezelf te zorgen, en te vertrouwen dat hij graag mee wilde, en zelf ook weet wat hij nodig heeft.

En wat een mooie dag. Bij het station was al een eerste besef van wat ik normaal doe. De trein waar Geert in reisde was laat. Hij berichtte mij over zijn vertraging, en ik berichtte voor de grap terug: mooie boel, nou, dan wacht ik maar.... Maar Geert is uit ander hout gesneden, en hij meldde mij dat mensen in Afrika niet besluiten hoe laat ze weggaan, maar besluiten niet eerder te gaan dan dat iedereen er is. Wat een inzicht. Zo ineens op die regenachtige dinsdagmorgen kwam ik tot het volle besef dat ik zo bang ben dat mensen wel willen wandelen, maar liever met anderen dan met mij. Dat uit zich in het feit dat ik dan denk: 'te laat', pech, ik ga maar vast lopen, ik blijf niet wachten!'. Maar in feite ben ik als de dood dat ik erachter kom dat ze inderdaad liever niet met mij lopen. Om die afwijzing te vermijden loop ik dus maar alleen. Is dat echt wat ik wil? Nee, diep van binnen moet ik toegeven dat dat niet echt is wat ik wil. Wat ik echt wil is dat iemand zegt dat hij zo vreselijk graag met mij wil zijn. Alleen als je je niet kunt voorstellen dat iemand dat ooit zal zeggen, dan wen je wel aan alleen zijn. Dan wen je daar zo goed aan, dat iedereen gelooft dat je niemand nodig hebt.

En dit gebeurde al voordat we uberhaupt vertrokken waren. De trein kwam aan, hij was er, en we gingen lopen. Door de bedding. Over stenen, over strandjes in de kribben, hier en daar door struikjes. Wat een prachtige tocht. En als je dan zo loopt door de natuur, op plekken waar geen pad is gebaand, dan moet je dat soms zelf doen. Over hekjes klimmen, onder hekjes klimmen. Compleet met rugzak en al op doe ik mijn best om mijzelf te redden. Totdat Geert mijn rugzak overneemt, en mij over hekjes begint te helpen. Sterker nog, hij baant het pad voor mij. Dit is werkelijk bijzonder. Het is niet alleen een fijne dag voor hem, hij geniet niet alleen van de IJssel, maar ook van mijn aanwezigheid, en zelfs zo, dat hij graag de weg werkelijk wil delen. Niet alleen de IJssel, niet alleen de broodjes, maar echt de weg zelf. Samen.

Ik vind het onvoorstelbaar. Ik ken dit gevoel bijna niet, zo samen genieten. Zo duidelijk zien dat iemand werkelijk graag met mij is. Ik 'weet' normaal gesproken zo zeker dat iemand liever zonder mij is dat ik dan maar heel goed voor hem ga zorgen, om dat goed te maken. Ik wil misschien vanuit de beste intenties dat de ander het fijn heeft, maar als ik alleen dat belangrijk vind, dan doe ik zowel hem als mijzelf tekort. Ik voel me eenzaam. Ik denk dat ik vooral de ander zie, maar zie ik mezelf wel? Inwendig voel ik me afgewezen. Maar wijst hij mij af, of doe ik dat zelf, door mijn eigen behoeften te miskennen? We lopen 'langs elkaar' in plaats van 'met elkaar'. Pas als ik mijn eigen wereld en mijn eigen behoeften laat zien, kunnen we contact maken met elkaar. Pas als ik 'schaamteloos' laat zien aan de ander wat er in mij leeft kan hij ook laten zien wat er bij hem is. Als ik er niet helemaal ben, waar moet hij dan contact mee maken? Ik sluit mezelf buiten, maar daarmee ook de ander.

Op deze wandeling langs de IJssel is het anders. Het lukt mij vandaag prima om te genieten zo wandelend met Geert. Sterker nog. Juist het feit dat we dit zo samen beleven raakt mij. Juist het contact doet me zo goed. Juist het delen van mijn weg met iemand die voor mij belangrijk is maakt het mooi. Het gaat vanzelfsprekend en natuurlijk. Ik vind het fijn om te wachten op hem bij het station. Wat is dan het verschil tussen deze wandeling met Geert en andere wandelingen?

De rivier leert me hier een mooie les over: een rivier en een bedding zijn niet 'gewoon toevallig naast elkaar'. Zie je het water al een eindje boven de bedding zweven? Zijn best doen om zichzelf te dragen? Ze steunen elkaar. Daardoor kunnen ze er beide helemaal zijn. Het gaat er dus om hoe we werkelijk elkaar kunnen steunen in het contact. Dit gaat verder dan elkaar alles gunnen en aardig vinden, het komt er ook op aan dat je zelf in je eigen behoeften weet te voorzien. De bedding is aarde, de rivier water. Ze proberen niet iets te zijn dat ze niet zijn. Juist daardoor functioneert het. Dus door te zijn wie je bent, en dat voluit te laten zien en erop te vertrouwen dat het voor de ander van belang is dat het jou goed gaat. De rivier is gebaat bij een sterke bedding. Dat stroomt beter. Mensen zijn gebaat bij dat het jou goed gaat. Dat je vraagt wat je nodig hebt, dat je je eigen behoeften inbrengt. Dat maakt het voor hen ook makkelijker om er helemaal te zijn. Ook als je denkt dat het van de ander veel gevraagd is. Ook als je 'weet' dat de ander zijn behoefte er haaks op staat.

Waar ik altijd dacht dat 'overgave' iets te maken had met mijzelf helemaal verlaten op de ander, ontdek ik vandaag dat het wezenlijk te maken heeft met juist je helemaal verlaten op jezelf. Dat wat je in jezelf ontdekt in te brengen in het contact met de ander. Erop te vertrouwen dat de ander dat kan 'dragen'. Voor jezelf zorgen komt zo in een heel ander daglicht te staan. Het heeft niets te maken met 'in je eentje je weten te redden'. Het is ineens 'aangeven wat je nodig hebt en aannemen als iemand je dat gunt'. Dus op een manier dat je niets van jezelf wegcijfert, maar jezelf volledig inbrengt, en erop vertrouwt dat de ander je daarin iets te bieden heeft. Dat de ander dat ook belangrijk vindt. Kijken met een open hart -zowel naar jezelf als naar de ander- en je eigen behoeften niet miskennen. Daar komt het dan op neer. Overgave aan jezelf en in contact met de ander blijven.

Hoe gaat dat dan nu met Geert? Ik voel mijn onrust. Ik voel mijn eenzaamheid. Ik wil alleen zijn, ik wil weg, ik wil zo snel mogelijk doorlopen. Maar Geert zit anders in elkaar. Hij wil weten wat ik hem zo nodig moest laten zien vandaag. Hij pikt het niet van mij dat ik liever alleen loop en vraagt waarom ik hem hiermee naartoe heb genomen. Normaal gesproken zeg ik dan: nou ja, weet je, zeg jij maar wat jij het liefste doet. We kunnen ook in Zutphen gaan lopen, of iets anders doen. Maar Geert wil weten wat ik wil laten zien. Dus we lopen. Mijn weg. En ik kan kiezen: aannemen dat hij dat echt wil zien, of  hem naar huis sturen en de rest van de dag huilen. Ik sta stil. Ik kijk hem aan. Ik zeg niks, ik kijk alleen maar. En na een tijdje zo staan voel ik mijn eigen lijf weer. Ik krijg langzaam weer contact met mijzelf. Door te kijken en de tijd te nemen ervaar ik weer iets. Concreet dat ik graag iets zou willen eten. Ik heb honger, ik wil heel graag even een broodje eten. We zitten samen te eten op de dijk. Ik ervaar dat dit goed is voor mij. Ik heb mijn eigen behoeften erkend, en Geert heeft alle ruimte gekregen om mij te helpen. Voor beiden is het goed. Zo weinig is er dus nodig om in contact te blijven. Gewoon stilstaan en het vragen. En aannemen dat de ander bereid is. Dit komt nog een paar keer voor. We komen bij een hekje waar ik moeilijk overheen kan komen. Ik denk: oh wat stom, deze binnenroute heeft allerlei hindernissen die ik niet zelf kan nemen, ik had beter een andere weg kunnen kiezen. Ik sta weer even stil, neem mijn tijd, en we stemmen samen af hoe hij mij kan helpen. We lopen een heel eind om door lastige struiken, en ik spreek uit dat ik hoop dat hij alle tijd heeft. Hij antwoordt mij dat hij juist de omweg zo de moeite waard vindt. Hij had deze weg nooit ontdekt zonder mij. Juist dat is zo mooi, zegt hij. Geert helpt mij niet door dingen 'uit mijn handen te nemen', maar door mij alle tijd te geven om aan te geven wat ik nodig heb. En te vragen wat hij nodig heeft. Juist dat maakt het samen. Niets invullen, maar beide dat wat belangrijk is inbrengen en alle rust en tijd geven aan de ander om dat ook te doen.

Zo eenvoudig, zo vruchtbaar. Het is veel kleiner dan ik denk. Ik voel hetzelfde beroep in mij als in andere omstandigheden, en het enige verschil zit hem in het hele kleine gebaar aangeven en vragen. En vertrouwen op het antwoord. Overgave zit in kleine dingen. Overgave zit niet in het 'alles uit handen geven'. Niet in het 'ik verlaat me maar op alles en iedereen en raak mijn eigenheid wel kwijt'. Overgave zit in het delen van een broodje. In het elkaar over een hekje heen helpen. In het wachten op het station totdat iedereen er is. In het vertrouwen dat een ander wil weten wat jou raakt. In het samen plezier hebben en je eigen plezier ten volle er laten zijn. In het toelaten dat je soms iets nodig hebt en daarom vragen, gewoon omdat het dan leuker wordt voor jezelf. En als jij het fijn hebt, dan kan de ander ook gewoon plezier hebben.

In de bedding van de rivier ontdek ik een belangrijke les over mijn eigen bedding in het leven. Als het water blijft stromen, ook als hij niet weet hoe de weg verder gaat, komt hij verder. In het 'niet weten hoe dat moet' aanwezig blijven, en de weg zichzelf laten ontvouwen. Te wachten totdat iedereen er is en te blijven bij wat mij raakt, zodat wat mij raakt kan blijven bij mij. In contact me de ander, in verbinding met mezelf.

Een mooie dans van contact en verbinding.

Ik hoop op nog veel van deze mooie herfstwandelingen,
hartverwarmende groet,
Suze

Bookmark Print Verstuur Rapporteer

Suze Maclaine Pont

Alle artikelen van Suze Maclaine Pont

Suze Maclaine PontAls de input die je levert, niet de output geeft die je beoogt... Ik werk Aan de Keukentafel als trainer en coach. Mijn passie is om mensen de veiligheid te bieden om op ontdekkingsreis te gaan naar hun eigen oorspronkelijke kern, hun eigen hart en ziel. De sleutel hiervoor ligt vaak diep verborgen, op een goed afgesloten plek, toegedekt onder wat we zo vaak ‘levenservaring’ noemen. Ik werk persoonlijk, confronterend, warm en humorvol. Ik breng mensen in contact met hun eigen gevoel door te zorgen dat je zelf ervaart wat er gebeurt. Ik...
>> Lees verder

G-punten

Stem nu:   G-punt. 0
Had je hier iets aan, geeft dan een G-punt. 1
©Gcoach.nl